
Achill-Art-Garden
|
|
Tuindagboek
Doutsje Nauta 2010
|
Welkom
Dit is het tuindagboek van Doutsje Nauta. Hier
maakt u kennis met ons, Willem van Goor en Doutsje
Nauta en met onze tuinavonturen in Bleanáskill
Garden. Wij emigreerden naar deze plek aan
de uiterste westkust van Ierland in de zomer van
1997.
Ons huis ligt op Achill Island aan de Atlantic
Drive, die beroemd is vanwege de prachtige
uitzichten over de Atlantische Oceaan. Onze ca. 1
ha. tuin grenst aan een rustige inham van The
Sound, de zeestraat die Achill en Corraun
Peninsula van elkaar scheidt. De naam
“Bleanáskill” is ontleend aan de landtong aan de
andere kant van de baai en die ons huis beschermt
voor het wilde water in The Sound.
Ik
hoop u via dit dagboek het komend jaar mee te
nemen in de soms angstwekkende betovering van de
tuin.
Onder aan deze pagina leest u nog meer over de
geschiedenis van onze tuin en onze tuinfilosofie.
Voorgaande jaargangen van het dagboek vanaf 2005
vindt u via de navigatie aan de linker kant.
|
|
|
|
|
|
|
Januari 2010
De trailer is afgestouwd met
isolatiemateriaal waarin appelbomen, bessenstruiken en
frambozen verpakt
zitten,
als we aan het begin van de maand terug gaan naar Ierland.
Het is bitter koud. De media raden mensen voortdurend af om
te reizen. De rit door Engeland gaat daarom zelfs
voorspoediger dan gewoonlijk. Dagenlang was het onmogelijk
om de steiltes tussen Leeds en Manchester te rijden, maar de
weg is nu schoongeveegd. Het zonnetje schijnt en de verse
sneeuwstormen hollen achter ons aan maar halen ons niet in.
Eenmaal aangekomen in de haven van Dublin houdt de
beschaving op. Hier laat de recessie zelfs de stoutmoedigste
automobilist stranden in een gladde sneeuwsmurrie en diepe,
dodelijk diepe gaten in de weg. Gelukkig blijft de
beschermengel bij ons totdat we rond middernacht de
glibberige oprit afglijden en de auto thuis parkeren. Sneeuw
en ijs op Achill? We hebben voor vertrek geen water
afgesloten, want het vriest hier immers nooit? De volgende
ochtend nemen we de situatie in ogenschouw. De cottage vloer
staat blank want er is een waterpijp ontdooid nu de centrale
verwarming weer aan is.
Er
komt geen water uit de kranen in de slaapkamers van het
huis, maar gelukkig ontdooit dat alles gestaag zonder schade
aan te richten. In de tuin liggen de vrolijke Alstroemeria’s
die in oktober aan hun 2e of zelfs 3e
bloei waren begonnen, nu als hoopjes groene snot op de
besneeuwde grond. Over de dijkjes bij de slipway kun je niet
lopen zonder je nek te breken. Corraun aan de overkant is
van top tot teen bedekt met sneeuw. We kunnen over de vijver
lopen, waar de dieppaarse bladknoppen van de waterlelie uit
het ijs steken.
Op de televisie hebben ze het voortdurend over “The Big
Freeze”. De ravange is enorm.
“De verzekering betaalt waarschijnlijk niets uit”, zegt de
ambtenaar die de schade in de cottage opneemt, “U had het
water moeten afsluiten; nu moet de verwarming tenminste 3
weken onafgebroken aan.”
Als
de stopcontacten in de cottage geen waterdruppels meer
druipen, krijgen we een plaatselijke orkaan op ons dak. De
dikke eucalyptus waait om en geurt nog dagen naar middeltjes
tegen verkoudheid. Er sneuvelen ook 3 dennen. Het zijn
allemaal groenblijvende bomen met veel blad en dat vangt
allemaal wind.
Het nieuwe jaar begint dus voor ons direct met allerlei
karweitjes: dweilen, bomen verzagen, de takken van blad
strippen, twijgen en blad door de houtversnipperaar duwen.
Willem verstevigt de wallen met de takken.
Gelukkig hebben we hulp van Franse Gabrielle die 14 dagen
bij ons Wooft.
Overal in de tuin vinden we dode koperwieken.
“We
call them snow birds” vertelt Sheila.
Ze komen inderdaad uit het noorden. Waarschijnlijk
zijn ze van uitputting en honger gestorven. Toch staan de
paar vogels die het overleefd hebben, voortdurend aan gevaar
bloot, want ze vliegen nauwelijks. Ze hippen als kwartels
over het terrein op zoek naar wormen en insecten. We gaan de
vogels extra voeren.
Intussen is “The Big Freeze” voorbij en in het hele land
ontdooien de bevroren hoofdleidingen. We krijgen mannen op
bezoek die willen weten of er bij ons ook water wegspuit,
want er is geen druk meer op het net. In de grote steden
wordt het water wekenlang huis aan huis bezorgd.
Bij ons komen duizenden sneeuwklokjes in bloei. |
|
|
|
|
|
Geschiedenis
van Bleanáskill
Garden
De schilder Alexander Williams kwam hier 90 jaar eerder,
in 1907 wonen en hij hield een dagboek bij. Een vriend van
ons heeft kopieën van dit dagboek, waarin we kunnen lezen
wat hij zoal in de tuin aanplantte en waar hij z’n stekken
en jonge boompjes haalde. Hij spreekt al over de vijver, de
Monterey Cypres en de Cordyline. Volgens een dendroloog zijn
deze bomen zeker 125 jaar oud en is het de oudste cordyline
van Ierland. Alle bewoners na Alexander hebben op de één of
andere manier hun steentje bijgedragen aan de ontwikkeling
van het terrein. Hun sporen zijn nog steeds te traceren.
Filosofie
achter het concept
Willem ontwerpt de tuin. Hij streeft een harmonische
tuin na waarin tegenstellingen een versterkend effect hebben
op elkaar, dus:
- romantisch en
gestructureerd,
- uitbundig
kleurrijk en meditatief,
- nieuw maar met
behoud van de bestaande en volgroeide tuinelementen,
- creatief en
zakelijk,
- speels en leeg,
ingekeerd,
- architectonisch
en praktisch tegelijk,
- met zowel
formele als natuurlijke gedeelten.
Doutsje heeft de
supervisie over de moes- en kruidentuinen. Deze tuinen
liggen tegen de zee aan, waar het zonnig is. Ze worden
beschermd tegen de wind door de zeemuur, het botenhuis en
een hoge wal met heggen. Het grijs van de zee wordt hier
herhaald in het vele gebruik van beton, dat de warmte
vasthoudt.
|
|
|
| | |